PV Den Brink

Get Adobe Flash player

Al tijdens de voorbereiding van de tochten in 2002 liep het bijna mis. Het drietal gevormd door Rinus, Peter en ondergetekende had zich in drie kleine tenten geinstalleerd op een idillisch weiland aan het uiteinde van het Klöntalermeer. Alles zag er prima uit op dag twee, dus Rinus en ik vertrokken voor een lange tocht en Peter bleef achter.
Het regende de afgelopen nacht nogal en onderweg ook. Voor ons geen bezwaar met onze regenpakken. Tegen 18h00 kwamen we terug via een smal pad en tot onze verbazing zagen we de tenten niet meer op de plek aan de oever van het meer. Wat was er gebeurd? In de loop van de dag was het waterpeil van het stuwmeer relatief snel gestegen. Zodanig snel dat Peter alle tenten had moeten verplaatsen naar een hoger gelegen plek. Via alle beken rond het meer was al het regenwater uit de omgeving naar beneden gekomen in het meer, dat minstens een meter hoger was intussen.

Verder verliep de voorbereiding zonder problemen. We aten een aantal keren in het restaurant aan de andere kant van het meer bij een Nederlander die hier permanent woonde.

Een maand later ging mijn dochter Charlotte voor het eerst mee. Bergop ging het prima met haar, maar bergaf gingen de knieën niet naar wens en dat was meteen het einde van haar deelname.

Voor het eerst verbleven Marijke, zus Charlotte en dochter Charlotte in het hotel aan het meer. lk was nog solidair met de kampeerders! We stonden wel erg dicht op elkaar op de camping. Aan het open vuur zaten we tot 's avonds laat met Daan Dijk herinneringen aan vorige tochten op te halen. In die verhalen werden alle tochten steiler en de afstanden groter dan ze ooit waren geweest.

Er gebeurden nog meer dramatische dingen.

Jan van der Kooij gleed uit tijdens het afdalen en blesseerde zijn been.

Vlak voor Berghaus Gumen waar we de nacht zouden doorbrengen werd Hans Bennebroek bijna door de bliksem getroffen. Hij kon zich nog net in veiligheid brengen in een soort tunnel die vlak voor het Berghaus in de rotsen was uitgehakt. 's Avonds na het diner (zonder hete bliksem) was het vosje kijken. Een vos die buiten de etensresten kwam ophalen vermaakte ons met zijn optreden.

De volgende dag vertrokken we welgemoed met een groepje waar ook Rinus bij zat. Na een kilometer of twee werd Rinus gebeld en bleef achter. Wij liepen alvast rustig door in de dichte mist die er hing. Na een splitsing werd gewacht op Rinus. Die kwam echter maar niet opdagen. Peter en ik dus weer terug tot het Berghaus. Geen Rinus. We vermoedden dat Rinus naar beneden was gelopen en gingen dat ook maar doen in de hoop hem te vinden. Peter en ik hebben daardoor die dag het Brünalpelihöchi niet meer bereikt. Rinus bleek inderdaad naar beneden te zijn gelopen ! Daar had hij bemerkt dat wij er niet waren en was toen dwars door omhoog gelopen, waardoor hij voor ons terecht kwam en toen hij ons niet aantrof maar doorgelopen naar de pas. Verwarring alom. Een uur voor het einde van de tocht brak tot overmaat van ramp ook nog de zool onder de bergschoen van Rinus los. De zool bleek totaal vervilt te zijn en moest met ijzerdraad op zijn plek gehouden worden. Zo vervolgde Rinus de route. Tjonge jonge wat een pech onderweg. We hebben er nog jaren om gelachen en het verhaal is talloze malen doorverteld.

Evert vR