PV Den Brink

Get Adobe Flash player

“Bij terugkomst op het KEMA-terrein zag ik tot mijn grote verrassing Jeannette, mijn vrouw, staan met een grote bos bloemen”

Niet zonder reden. In 1997, de elfde bergwandeltocht, was de bus teruggekeerd met één passagier minder dan op de heenreis en die vermiste was passagier was ik. Gelukkig is dat allemaal goed afgelopen. Sindsdien heb ik de aankondigingen van de bergwandeltochten met gemengde gevoelens en voor kennisgeving aangenomen.
Aanvankelijk dacht ik, dat ik nooit meer zou meegaan. Bang om herinneringen, die een beetje waren weggezakt, weer scherp op het netvlies het krijgen. Van de andere kant vond en vind ik het bergwandelen geweldig fijn om te doen en was het misschien juist goed om weer een keer mee te gaan om daarmee de nare herinneringen te compenseren. Uiteindelijk  heb ik na rijp beraad en met toestemming van het thuis-  en reisfront  besloten om toch te gaan.
Flink trainen was noodzakelijk, want veel wandelen doe ik normaal gesproken niet, zeker niet sinds we geen hond meer hebben. Zes weken voor de reis naar Zwitserland hen ik begonnen met mijn trainingsprogramma. Dagelijks liep ik of 's morgens naar het werk of aan het eind van de middag naar huis (9 km).
Voor mijn gevoel heb ik daar veel profijt van gehad. Ik heb de bergtochten  "makkelijk" en zonder spierpijn kunnen lopen.
Het gebied was schitterend, op de camping was het uitzicht grandioos en de tochten, met name de tweede dag (de drie kammen) waren fantastisch. Bijzonder was natuurlijk, dat ik de dag voor ons vertrek twee oomzeggers ontmoette, die de Tour de Mont Blanc liepen.

Ik ben blij dat ik weer mee ben geweest, want ik heb daarmee een beroerd hoofdstuk  afgesloten.

Hans Weber,
Heelsum, november 2001